Sociocratie
Wils Raaijmakers, 2006



Sociocratie is een manier van besluitvorming waarbij alle stemmen gelden.

Er bestaan verschillende wijzen van besluitvorming:
v Chaos: geen besluitvorming of ad hoc besluitvorming, het recht van de sterkste.
v Autocratische besluitvorming, één iemand bepaalt voor anderen wat er moet gebeuren.
v Democratische besluitvorming: de meeste stemmen gelden, de macht van de meerderheid, die voor iedereen beslist.
v Sociocratie: alle stemmen gelden, er wordt pas een besluit genomen als niemand overwegend bezwaar heeft.

Democratie komt het meeste voor in Nederland en werkt over het algemeen goed, maar heeft toch enkele onaangename nadelen:
Met democratie ben je er niet zeker van dat je krijgt wat je wilt, zeker als je denkt dat je bij de minderheid behoort. De ander is dus een (mogelijke) tegenstander die jouw wens in de weg staat. Dit werkt strijd in de hand en strijd gaat helaas vaak niet zo eerlijk.
Om bij democratische besluitvorming toch (een beetje) macht te verwerven, kun je verschillende tactieken inzetten.
bijvoorbeeld:
o Lobbyen vooraf om meer mensen aan jouw kant te krijgen.
o De volgorde van de agenda veranderen: eigen punten voor, punten van anderen achteraan.
o De 'tegenstander' kleineren of negeren tijdens de vergadering.
o Zorgen dat je gehoord wordt, door 'gewiekst' te praten, met kennis te strooien, de lachers op je hand te krijgen… e.d.
o Zorgen dat je 'tegenstander' niet gehoord wordt, bijvoorbeeld wijzen op de tijdsdruk, in de rede vallen, lachen … e.d.
o Informatie achter houden, die negatief voor het besluit uit zou kunnen vallen, of verkeerde informatie geven (het gaat er immers om dat jij je zin krijgt, en niet dat er een besluit in het belang van iedereen wordt genomen).

Er kan een sfeer komen van winnen of verliezen.
En als het besluit genomen is: mensen die niet achter het besluit stonden (de 'minderheid') zullen niet actief meewerken aan de uitvoering, of het misschien zelfs heimelijk tegenwerken om op die manier hun macht wèl te laten gelden (en dat werkt misschien nog wel effectiever).
In de stress van het vergaderen zijn een aantal mensen niet goed bij zichzelf gebleven en denken achteraf toch anders over dit besluit, maar durven er niet op terug te komen, want dat wordt door anderen vaak als lastig ervaren.
Kortom: veel frustratie tijdens en na de vergaderingen.

Ik heb zelf de ervaring heel vaak bij de minderheid te horen, dus heel vaak niet mijn zin te krijgen bij een democratische stemming.
Ik vind dat heel frustrerend en het kost mij veel energie om toch weer door te gaan en achter mijn mening en ideeën te blijven staan en opnieuw mijn nek uit te steken voor een vernieuwing die in mijn ogen een verbetering is.

Sociocratie.
De naam komt van de Latijnse en Griekse woorden 'socius' =medemens en 'kratein' =regeren, en betekent zoveel als 'de medemens regeert'.
Iedere mens is uniek en dus ongelijk. Sociocratie wil een maatschappij waar mensen (en dus ook kinderen), met behoud van hun ongelijkheid, volkomen gelijkwaardig zijn als er een besluit genomen moet worden.
Argumenten als: ik heb meer kennis, ik ben ouder, ik heb meer ervaring, enzovoort, gelden dan niet meer.
Zo'n maatschappij behoeft natuurlijk wel een organisatie, die noemen we de Sociocratische KringorganisatieMethode:

Dit is een zgn. 'lege' methode, d.w.z. dat hij toepasbaar is op elke organisatie.
De gelijkwaardigheid, waarop de methode stoelt, wordt vorm gegeven in het 'consentbeginsel'.
Dit houdt in dat een besluit genomen kan worden, mits er geen overwegend bezwaar tegen is.
Is er wel bezwaar, dan dient dit beargumenteerd te worden.
Het is dus geen 'consensus' waarbij alle mensen voor zijn, het is ook geen 'veto', waarbij een tegen niet beargumenteerd hoeft te worden.
Als er niet over ieder besluit vergaderd hoeft te worden, moet er consent zijn over de afspraak hoe een besluit genomen wordt.

Bijvoorbeeld: In een gezin willen de gezinsleden niet iedere avond een bespreking over de taken rondom het avondeten. Er wordt één vergadering belegd waarin consent gevraagd wordt op de afspraak dat moeder de taken verdeelt. Als één van de gezinsleden na verloop van tijd hier ontevreden over is, wordt opnieuw een vergadering belegd.

Zo kan ook met consent aan personen of groepen de bevoegdheid gegeven worden om zelfstandig beslissingen te nemen.

Om deze besluitvorming met grotere groepen mensen toe te passen, wordt er met vergaderkringen gewerkt. Binnen iedere kring wordt het consentbeginsel gebruikt en binnen iedere kring worden twee vertegenwoordigers gekozen die beslissingsbevoegdheid krijgen namens die kring, in een overkoepelende kring.
Ieder individu moet in minstens één kring zitten om te kunnen meebeslissen.

Het kiezen van personen voor functies en/of taken gebeurt volgens het consentbeginsel na een open discussie of stemverklaringen.

Een fictief praktijkvoorbeeld van een sociocratische beslissing:
Op een culinaire club met 12 leden is al een tijdje onvrede over het gebruik van varkensvlees. Enkele mensen zijn óf vegetarisch óf willen om gezondheidsredenen geen varkensvlees gebruiken.
Er wordt een vergadering bijeengeroepen om sociocratisch een beslissing hierover te nemen.
Er is een voorzitter die de vergadering leidt. Ze doen eerst een rondje, waarin iedereen zijn/haar mening geeft. De voorzitter heeft gehoord dat in verhouding veel mensen onvrede hebben met het gebruik van varkensvlees. Zij doet een voorstel: We maken voortaan twee schotels: een vegetarische en één met varkensvlees.
Ze vraagt: kan ik van iedereen consent krijgen op dit voorstel? Vier mensen zeggen 'nee'. De voorzitter vraagt hen om beurten hun bezwaar te beargumenteren. Eén is bang dat dit het begin zal zijn van allerlei veranderingen, terwijl zij erg tevreden is met hoe de club nu draait. De andere drie zeggen wél vlees te willen, maar géén varkensvlees. In het voorstel zouden ze dan altijd vegetarisch moeten eten.
De voorzitter vraagt met welke (kleine) verandering ze wel met het voorstel eens kunnen zijn.
Er ontstaat een discussie, een aantal ideeën worden geopperd. De voorzitter luistert goed en besluit een nieuw voorstel te doen: Aan het begin van een kooksessie verdelen we de groep in drie subgroepjes, één zorgt voor de vegetarische schotel, één voor het varkensvlees en het derde groepje voor een schotel met bijvoorbeeld gevogelte, rundvlees of vis.
Er komen een aantal vragen uit de groep, bijvoorbeeld: hoe doen we dat dan als er vijf mensen in de varkensvleesgroep willen? Alle vragen kunnen na korte discussie naar tevredenheid beantwoord worden.
Iedereen geeft zijn/haar consent. Ook degene die bang was voor veranderingen, omdat ze ervaren heeft dat er met respect naar haar geluisterd werd, dat haar bezwaar serieus genomen werd en omdat ze deze verandering wel een verbetering vindt voor de club.
Het voorstel wordt (met algemene stemmen) aangenomen.

Wat als het nu niet lukt, als je er niet uitkomt?
In de praktijk komt dit eigenlijk niet voor. De ervaring leert, in de omgang met elkaar dat het belangrijker is dat je gehoord wordt, dan wat er uiteindelijk besloten wordt. Als er naar je geluisterd wordt ben je eerder bereid om met anderen mee te gaan, om iets aan anderen te geven, en wordt er veel gemakkelijker een besluit genomen. De mogelijkheden zijn opeens veel groter dan je van tevoren had kunnen denken. Heel vaak worden er hele creatieve oplossingen bedacht. Er zijn eigenlijk altijd oplossingen.
Mocht je er op dit moment toch niet uitkomen, kun je besluiten het even te laten rusten, een voorlopig besluit te nemen, meer onderzoek te (laten) doen of een externe deskundige erbij te halen, enzovoorts.

Geschiedenis van de Sociocratie:
Kees Boeke, een Nederlands opvoedkundige en pacifist, zag in 1945 Sociocratie als een manier om de gelijkwaardigheidbeginselen van de Quakers ook in niet-religieuze organisaties toe te passen. Gerard Endenburg, een leerling van Kees Boeke, ontwikkelde de Sociocratische KringorganisatieMethode op grond van Boeke's visie en zijn eigen ervaringen.

Gerard's ouders waren socialisten (vóór de 2e w.o.) en hadden vooruitstrevende ideeën op het gebied van bedrijfsvoering. Na de 2e wereldoorlog vestigden zij een bedrijf om deze ideeën uit te testen.Gerard volgde een opleiding tot elektrotechnisch ingenieur, deed ervaring op met cybernetica (de wetenschap van sturen en controle) en werkte korte tijd voor Philips Elektronica. Daarna ging hij in zijn vaders bedrijf werken en nam de leiding over toen zijn vader, eind jaren '60 met pensioen ging.
De individuele ongelijkwaardigheid bij de machtsuitoefening c.q. besluitvorming in andere systemen ziet Endenburg als één van de belangrijkste veroorzakers van geweld. Onder geweld verstaat hij datgene, waarmee de ander, ik of het andere kan worden ontkend.
Zijn ervaringen berusten op de principes van de Quakers, die hij in de school van Kees Boeke opdeed, zijn voor de ontwikkeling van de 'sociocratie' van beslissende betekenis geweest.Met zijn ervaringen met in praktijk gebrachte ideeën over leidinggeven, stelde Gerard het Sociocratisch systeem samen. Hij trok zich terug uit de dagelijkse leiding van Endenburg Elektrotechniek om zich te kunnen wijden aan het leiden van het Sociocratisch Centrum, een adviesbureau dat bedrijven en organisaties bijstaat bij het invoeren van de Sociocratie.
Gerard is ook professor aan de faculteit Economische en Bedrijfswetenschappen van de Universiteit van Maastricht, waar Sociocratie een onderdeel vormt van het studieprogramma en van de academische praktijkbeoefening. Hij doceert 'De lerende organisatie, in het bijzonder de Sociocratische Kringorganisatie'.
Deze methode wordt in een aantal bedrijven en scholen in Nederland en in het buitenland met succes toegepast.





Terug naar de voorpagina





ONS DOEL IS om duizenden mensen over heel de wereld te bewegen om SAMEN een HELEND ENERGIEVELD te manifesteren dat heel de Aarde zal onderdompelen in een Hoger Bewustzijn. Geef de New Earth Circle VLEUGELS en maak het bekend bij zoveel mogelijk anderen...